“Neem het risico niet! Laat je inenten!”

Het verhaal van Felice A. (18)

(Een jonge vrouw met lang donkerblond haar loopt door een bos. Door groene boomtoppen schijnt de zon. De jonge vrouw kijkt uit over een open plek. Naast haar verschijnt de tekst: Het verhaal van Felice. Jan Versteegh: [Felice = FeLIES (klemtoon op de laatste lettergreep)

RUSTIGE MUZIEK

JAN VERSTEEGH: Dames en heren, welkom allemaal in Annen.
Ik heb vandaag hier een afspraak met Felice.

(In een tuin.)

Felice, jij bent heel erg ziek geweest, wat had je precies?
FELICE: Ja, ik had een sepsis. JAN: Sepsis?
Ja, een bloedvergiftiging, van de meningokokkenbacterie.
Want hoe gaat zoiets? Je komt thuis, je hebt een hoestje? Of hoe begint zoiets?
Ik kreeg het gewoon opeens heel koud en ik ging heel erg trillen en toen moest ik opeens overgeven.
Klinkt als griep.
-Ja, precies.
En toen op een gegeven moment kreeg ik 's nachts hele erge koorts dus toen had papa al zoiets van: o, we moeten wel echt naar de huisarts.
En toen ging het echt bergafwaarts, toen kon ik niet meer normaal praten alsof je met zo'n hele dikke tong praatte.
Alsof je dronken bent?
-Ja, eigenlijk wel.
Dat was je niet?
-Nee, dat was ik niet.
En ik had geen evenwicht meer, dus ik kon niet echt meer lopen.
En, ja, ik was heel koud, maar ik had het heel warm.
Dus toen ging het wel echt een stuk slechter.
Naar de huisarts en die had eigenlijk gelijk al door van: dit is niet oké.
En toen moest ik met de ambulance naar het ziekenhuis.
Dit gebeurt allemaal nog op dezelfde dag?
-Allemaal in één dag.
En toen op een gegeven moment lag ik op dat ziekenhuisbed en toen hoorde ik zo'n verpleegster zeggen: Moeten we haar niet laten inslapen?
En ik lag daar en ik vroeg zo aan haar: Maar ik ga toch niet dood?
En zij zo: Nee, nee, nee.
En toen bedoelde ze dus om me in een kunstmatige coma te brengen omdat het natuurlijk wel zo heftig was, maar dat hebben ze niet gedaan.
Maar als je eventjes naar de feiten kijkt je had hier of heel anders kunnen zitten of het had kunnen zijn dat je er helemaal niet meer geweest was.
Ja, klopt, maar dat realiseer je je achteraf pas.
JAN: Als je daar achteraf dan over nadenkt, is dat heftig?
Ja, tuurlijk. Ik heb gewoon zo veel geluk gehad en we zijn er echt steeds net op tijd bij geweest.
Dat is gewoon bijzonder eigenlijk.
Als je dan beseft: o, ik heb zo veel geluk gehad wat zou je dan tegen mensen willen zeggen die dit zien?
Laat je inenten, neem het risico niet, want het kan heel anders aflopen.
Het kan goed aflopen, maar ook echt, het kan zo fout gaan.

(Naast een glimlachende Felice verschijnt de beeldtekst: Haal die prik tegen meningokokkenziekte. Deelditnietmetjevrienden.nl.)

DE RUSTIGE MUZIEK SPEELT NOG EVEN VERDER EN STOPT DAN

Deze video is eigendom van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en mag niet zonder toestemming worden verspreid.

Felice kwam er goed vanaf. Een schoolreisje was bij haar waarschijnlijk het moment waarop de ziekte toesloeg. Na een aantal weken in het ziekenhuis kon ze haar leven snel weer oppakken. En toch wil ze je waarschuwen met haar verhaal.

Levensles

Ik heb al jong een levensles geleerd. Ik sta niet meer zo stil bij kleine probleempjes. Mijn beste vriendin en mijn ouders, die merken wel aan mij dat ik een beetje veranderd ben. Maar mijn leven gaat wel gewoon door. Dat ik er goed vanaf gekomen ben, wil niet zeggen dat ik niet besef hoe belangrijk het is om je te laten inenten. 

Schoolreisje

Ik was op schoolreisje geweest naar Berlijn. Daar is het waarschijnlijk door gekomen. Je slaapt wat minder goed, je gaat de stad in. Thuis voelde ik me ontzettend misselijk en heel zwak. Om de tien minuten viel ik in slaap. Mijn ouders wilden met me naar de huisarts. Het was daar al wel meteen duidelijk dat ik bloedvergiftiging had, maar niet wat de oorzaak precies was. Ze stuurden me door naar het academisch ziekenhuis. Ik kreeg infuusjes in mijn arm. Ik had een heel lage bloeddruk. De paniek rondom mijn bed heb ik niet echt meegekregen.

Mazzel

Ik heb geluk gehad. Ik ben meteen goed opgevangen. Er was de eerste dag al vooruitgang te zien. De dokters stelden ook al snel de precieze diagnose.

Mijn ouders waren afwisselend bij mij. Mijn broer zat in een toetsweek. Ik heb op de intensive care gelegen en daarna nog een aantal dagen op de kinderafdeling. Ik kwam in een rolstoel uit het ziekenhuis en moest nog verder herstellen. Mijn spieren waren erg verzwakt. Ik kreeg fysiotherapie. En het was saai! Ik wilde gewoon weer naar school. Ik dacht: ik ga niet blijven zitten! Gelukkig had ik een fijne mentor, die me steunde.

“Je wilt niet zó ziek worden.”

Omgeving ingeënt

De mensen om je heen bieden ze vanuit de GGDGemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst meteen een inenting aan. Dat was dus wel echt even gênant! Ik had in Berlijn met een jongen uit mijn klas gezoend en dat moest ik dus wel zeggen. Hij is ook ingeënt.

Toch alert

Ik sta niet meer zo bij alles stil. Ik ben lekker naar Lloret de Mar geweest. Ik ga studeren en word ook lid van een studentenvereniging. Die ontgroening zal wel zwaar zijn. Ik ben niet op een soort van missie om te waarschuwen, maar mocht er dan iemand ziek worden, dan zal ik wel opletten.

Het kan echt in een paar dagen misgaan. Als ik zou zien dat iemand hoge koorts heeft, rillingen, niet kan praten, niet meer op zijn benen kan staan... Weet je, je praat met een soort dubbele tong, net alsof je dronken bent.        

Ik zou dan wel vragen: zou het misschien bloedvergiftiging kunnen zijn?